Autorijden in de winter, zo voorkom je problemen

19 jan 2016 - -

Als je in de winterse kou op pad gaat met de auto kun je met deze temperaturen tegen problemen aanlopen. Met onze tips ben jij echter goed voorbereid en voorkom je dat je met deze winter in de problemen komt.


1. Handrem niet gebruiken

Met deze temperaturen is het beter om de handrem niet te gebruiken, maar de auto in de eerste versnelling te zetten (of eventueel in z’n achteruit als dat beter uitkomt). Hiermee voorkom je dat de handremkabel vastvriest. Ook bij een auto met elektrische (automatische) handrem kun je het gebruik van de handrem voorkomen door de functie van automatische handrem uit te zetten.


2. Neem belangrijke spullen mee

Zorg ervoor dat je belangrijke spullen in de auto hebt voordat je weg gaat. Onder meer startkabels en een sleepkabel zijn handig om mee te nemen. Controleer dan ook meteen of je verlichting het nog doet en of je nog reservelampjes in de auto hebt liggen.

3. Behandel portieren

Je kunt de portieren tijdig behandelen met vaseline om vastvriezen te voorkomen. De portierrubers kun je insmeren met vaseline en de portiersloten met kruipolie of siliconenspray.

4. Winterbanden

Nu de temperaturen onder de 10 graden zijn gezakt, is het gebruik van winterbanden aan te raden boven zomerbanden of zng. “all-weather” banden. In veel landen zijn winterbanden zelfs verplicht tijdens de wintermaanden. Naast de kortere remweg met winterbanden, slijten zomerbanden ook sneller bij gebruik in de winter. Winterbanden zijn gemaakt van een ander type rubber waardoordeze langer zacht blijft bij lage temperaturen en de remweg korter wordt. Ter vergelijking: bij een snelheid van 50 km per uur heb je met winterbanden een remweg van 32 meter terwijl dit met zomerbanden 63 meter is.
Vergeet trouwens ook niet de bandenspanning tijdig te controleren. Hierdoor bespaar je brandstofkosten, maar zorg je ook voor een betere wegligging.

4. Zorg voor goed zicht

Voordat je de weg op gaat is het verstandig om alle ruiten helemaal vrij van sneeuw en ijs te maken. Je kunt hiervoor eventueel vooraf ‘s nachts een speciale doek over de voorruit leggen. Als je ‘s ochtends aankomt en het is hier te laat voor, kun je eventueel speciale vloeistoffen gebruiken of gewoon ouderwets krabben. Controleer dan ook gelijk of de ruitenwissers niet zijn vastgevroren. Ga niet de weg op zonder dat alle ruiten helemaal ijs- en sneeuwvrij zijn.

5. Auto schoonmaken

De ijs, sneeuw en de pekel/strooizout zijn niet erg goed voor de auto. Het is dus verstandig om de auto tijdig schoon te maken, bijvoorbeeld door de wasstraat. Daarnaast kun je dan gelijk de portierrubbers controleren en sloten insmeren (zie boven).

6. Accu

Je kent het wellicht wel, je wilt ‘s morgens weggaan en je auto start niet. Het meest voorkomende probleem in de winter is een lege of zwakke accu. Controleer dus tijdig de kwaliteit van de accu of laat deze controleren. Controleer ook als je de auto afsluit of je alle lichten uit hebt gedaan en de airco uitstaat.

7. Winterbeurt

Het is nu ook het seizoen om de auto na te laten kijken door de garage. Diverse garages hebben zelfs speciale winterchecks waarbij ze checken op de belangrijke zaken waardoor in de winter problemen ontstaan.

8. Sneeuwkettingen

In Nederland zijn sneeuwkettingen niet vaak nodig, maar in het buitenland zijn deze soms zelfs verplicht. Ga je op wintersport, neem dan sowieso sneeuwkettingen mee.